Kasteel Kessel

Voorbeeld van een mottekasteel

   

 

 

Het kasteel ligt op een kunstmatige heuvel aan de Maas in Kessel. Op deze heuvel bouwde men rond het jaar 1000 aanvankelijk een houten versterking (een motte). Het doel was het scheepvaartverkeer op de rivier te controleren en tol te heffen. Een eeuw later werd deze versterking vervangen door een vrijwel vierkante, stenen woontoren. De muren waren ongeveer 2 meter dik en opgetrokken uit ijzeroersteen met een kern van maaskiezel en kalkmortel. De afmetingen waren ongeveer vijftien bij vijftien meter.
De eerste graaf van Kessel, Hendrik I, was wellicht de bouwer van de eerste woontoren.

 

In de 12de eeuw werd de woontoren afgebroken. Nadat hij tot even boven de lichtspleten van de kelderverdieping was afgebroken, is de kelder opgevuld met zand. De graven van Kessel bouwden nu van mergelblokken een ringmuurburcht. De heuvel werd aanzienlijk opgehoogd. Op de verhoogde motte werd een ringmuur gebouwd. 

In de loop der eeuwen werden er tegen de ringmuur allerlei gebouwen opgetrokken tot er vrijwel geen vrije binnenruimte meer over was. Ook aan de buitenzijde werden twee zware torens gebouwd, die toegang gaven tot de burcht. In 1279 werd Hendrik V, laatste graaf van Kessel, wegens geldgebrek gedwongen het graafschap Kessel, voor zover dat op de linkeroever van de Maas lag, met het kasteel te verkopen aan Reinoud I, graaf van Gelder.

Het kasteel is in 1597 door Staatse troepen in brand gestoken en daarna weer herbouwd met een drie verdiepingen hoog bakstenen gebouw.



Plattegrond van het kasteel

 

In 1779 kwam het kasteel in handen van de familie Van Keverberg. Vandaar ook dat het kasteel ook wel De Keverberg wordt genoemd. Deze familie verkocht het in 1903 aan de Congregatie van de Zusters van de Goddelijke Voorzienigheid. Zij richtte het kasteel in als klooster en maakte er een meisjespensionaat van. Het kasteel werd toen het St. Aloysiusgesticht genoemd. 

De 15de eeuwse poorttoren

 

In november 1944 brachten Duitse soldaten, die vluchtten voor de opmars van de geallieerde troepen, het kasteel enorme schade toe door het laten ontploffen van door hen aangebrachte springladingen. De binnenmuren werden vernield en de na de ontploffing ontstane brand liet niets heel van het interieur. De zusters zagen geen kans om het kasteel te laten herbouwen en zo werd de burcht van Kessel een ruïne. Na de oorlog stond de ringmuur nog overeind, met nissen en kantelen, een gedeelte van de weergang, de muren van de grote zaal, de zijtoren en de poorttoren. Het gewelf onder de grote zaal is inmiddels weer hersteld.


Kasteel Kessel vanaf de Maas gezien

Nadat de gemeente Kessel het kasteel in 1953 had aangekocht, zijn de overblijfselen in de middeleeuwse sfeer terug gebracht met uitzondering van bouwdelen uit de zeventiende eeuw.