|
Teken een punt O.
Teken 3 rechten a, b en c gaande door O.
Teken 2 punten A en R op de rechte a.
Teken 2 punten B en S op de rechte b.
Teken 2 punten C en T op de rechte c.
Teken de driehoeken ABC en RST
Teken rechten door de drie zijden van elke driehoek.
Bepaal de snijpunten van de overeenkomstige zijden.
|